Blog

Hoe ver strekt de bescherming op voorbereidend materiaal?

Op 19 januari 2018 heeft de Hoge Raad een nieuw arrest gewezen over de auteursrechtelijke bescherming op software. Meer in het bijzonder over hoe ver de bescherming op voorbereidend materiaal van software strekt.

Het geschil

Onderwerp van het arrest is een geschil tussen DC en Forax. DC heeft in samenwerking met een derde partij software voor tankkaarten van diplomaten ontwikkeld.
Forax ontwikkelt ook software voor tankkaarten van diplomaten.

DC stelt onder meer dat Forax inbreuk maakt op haar auteursrechten door gebruik te maken van de specificaties van de software van DC.
Forax verweert zich hiertegen door te beargumenteren dat deze specificaties niet voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking komen. Volgens Forax kan er dus geen sprake zijn van een auteursrechtinbreuk.

Auteursrechtelijke bescherming van software

Ieder werk dat een eigen oorspronkelijk karakter heeft en een persoonlijk stempel van de maker draagt, is in beginsel auteursrechtelijk beschermd. Simpel gezegd, om voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking te komen, dient een werk origineel en creatief te zijn.

Software kan daarom ook auteursrechtelijk zijn beschermd, indien deze origineel en creatief is. Dit geldt zowel voor de broncode als de objectcode van de software. Software is beschermd volgens de Softwarerichtlijn. Uit deze richtlijn volgt dat ook het voorbereidend materiaal van de software beschermd kan zijn. Hiervoor is vereist dat het voorbereidend materiaal “van dien aard is dat het later tot zulk een programma kan leiden”.

Maar hoever strekt deze bescherming van voorbereidend materiaal nu precies? Zijn de specificaties voor de software van DC ook auteursrechtelijk beschermd?

Oordeel

De Hoge Raad stelt allereerst vast dat niet alle in het ontwikkelingsproces van de software vervaardigde producten behoren tot het voorbereidend materiaal in de zin van de Softwarerichtlijn. Alleen het voorbereidend materiaal dat kan leiden tot (reproductie van) de software kwalificeert als voorbereidend materiaal in de zin van de Softwarerichtlijn.

Het hof heeft eerder in deze zaak geoordeeld dat de specificaties voor de software van DC geen voorbereidend materiaal zijn in de zin van de Softwarerichtlijn, omdat nog een programmeerslag met creatieve stappen nodig is om van dit materiaal de software te maken.
De Hoge Raad oordeelt dat deze redenering van het hof juist is. Hiermee wordt namelijk bedoeld dat de specificaties van DC niet tot (reproductie van) de software kunnen leiden. De uitspraak van het hof kan dus in stand blijven.

rechtspraak

Kortom, niet al het voorbereidend materiaal van software is auteursrechtelijk beschermd. Indien nog een programmeerslag met creatieve stappen nodig is, is geen sprake van voorbereidend materiaal in de zin van de Softwarerichtlijn. Dit voorbereidend materiaal kan namelijk niet leiden tot (reproductie van) de software.

Conclusie

Het oordeel van de Hoge Raad lijkt mij juist. Als al het voorbereidend materiaal auteursrechtelijk beschermd zou zijn, dan zou dat namelijk ertoe kunnen leiden dat ook de functionaliteit van, of ideeën achter, bepaalde software auteursrechtelijk kunnen zijn beschermd. Het auteursrecht beschermt echter in de kern geen ideeën, maar slechts originele en creatieve uitwerkingen daarvan. Daarom zou auteursrechtelijke bescherming van al het voorbereidend materiaal te ver gaan.

Mogelijk zouden de specificaties van de DC software wel als “bedrijfsgeheim” kunnen kwalificeren op grond van de “Wet bescherming bedrijfsgeheimen” die op 9 juni 2018 zal intreden. Lees meer over deze wet in deze en deze blog.

Gerelateerde berichten