Blog

Gezamenlijk houden van auteursrechten: de addertjes onder het gras

Artikel 26 van de Auteurswet bepaalt dat het mogelijk is om een gemeenschappelijk auteursrecht te hebben op een werk. Soms besluiten partijen samen bepaalde software te ontwikkelen en dan ook de auteursrechten hierop gezamenlijk te houden. Een andere situatie doet zich voor wanneer twee partijen een samenwerkingsovereenkomst aangaan en een van die partijen besluit haar auteursrechten “in te brengen” in de B.V. of in een aparte gezamenlijke IE/IP B.V. De vraag is of het wel verstandig is om auteursrechten gezamenlijk te houden. In ieder geval dient een aantal zaken goed te worden geregeld. In deze blog zal daarop worden ingegaan.

Akte van overdracht

Indien het auteursrecht wordt ingebracht in een B.V. dient sprake te zijn van een overdracht van het auteursrecht. Artikel 2 Auteurswet bepaalt dat het auteursrecht overdraagbaar is in de zin van artikel 3:84 BW. Op grond van artikel 2 lid 3 Auteurswet is voor de overdracht van auteursrechten een daartoe bestemde “akte” (een door partijen ondertekend stuk) vereist. Daarnaast omvat de overdracht alleen de bevoegdheden die in de akte zijn vermeld. Dat wat niet in de akte wordt vermeld, wordt niet overgedragen. Artikel 3:84 lid 2 BW bepaalt daarnaast dat in de akte het over te dragen “goed” met voldoende bepaalbaarheid moet zijn omschreven.

Kortom: indien auteursrechten worden ingebracht in een B.V. dan moet een daartoe bestemde akte worden opgesteld. Hiertoe zal duidelijk moeten blijken welke rechten en bevoegdheden worden overgedragen en aan wie deze worden overgedragen.

Beëindigen van de samenwerking

Als de samenwerking – om welke reden dan ook – eindigt, is het goed mogelijk dat een van de partijen de exploitatie van de software wil voortzetten. In geval van een gemeenschappelijk auteursrecht behoeft de exploitatie echter de instemming van alle betrokkenen. Zonder hierover nadere afspraken te maken, is het op grond van de wet dus mogelijk dat na beëindiging van de samenwerking beide betrokken partijen de software niet meer mogen gebruiken. Vanuit commercieel oogpunt is dit niet aantrekkelijk.

Het is partijen dan ook aan te raden om bij het aangaan van de samenwerking alvast af te spreken wat met het auteursrecht gebeurt wanneer de samenwerking eindigt. Zo’n afspraak wordt ook wel een “exit-regeling” genoemd. Het lijkt raar om bij het aangaan van een samenwerking al afspraken te maken over een beëindiging, omdat dit natuurlijk niet de intentie is van de samenwerking. Desalniettemin kunnen zulke afspraken problemen en geschillen, met betrekking tot de exploitatie na beëindiging van de samenwerking, voorkomen.

Een exit-regeling waaraan kan worden gedacht, is dat bij beëindiging van de samenwerking beide partijen – onafhankelijk van elkaar – de software kunnen exploiteren. Het nadeel hiervan is dat beide partijen dan hetzelfde product kunnen exploiteren. De exclusiviteit is dan verdwenen waardoor een vanuit commercieel oogpunt onwenselijke situatie ontstaat.

Een andere mogelijkheid zou zijn om af te spreken dat een van de partijen het auteursrecht krijgt en de andere partij hiervoor een bepaalde vergoeding dient te betalen. Hier kleeft echter ook een nadeel aan. Het is namelijk niet gemakkelijk om vooraf een juiste vergoeding af te spreken. De auteursrechten kunnen tussen het moment van oprichting en het moment van beëindiging van de samenwerking veel in waarde zijn gestegen of juist in waarde zijn gedaald.

Exploitatie tijdens de samenwerking

Ook tijdens de samenwerking kan de exploitatie problemen opleveren. De partij die de software heeft ontwikkeld en haar auteursrechten in de B.V. heeft ingebracht, kan deze software niet meer los van de B.V. gebruiken, althans niet zonder toestemming van de gezamenlijke B.V. Als de ontwikkelaar dit niet wenselijk vindt, dan zal zij hierover afwijkende afspraken moeten maken met de B.V.

Faillissement


Indien de auteursrechten worden ingebracht in een gezamenlijke B.V., dan kunnen de auteursrechten in de boedel vallen als de B.V. failliet gaat. Uiteraard kan je als maker zelf ook failliet gaan, maar hier heb je in beginsel meer controle over dan over een gemeenschappelijke B.V. Een oplossing hiervoor zou zijn om een aparte IE/IP B.V. op te richten en daar alleen de IE-rechten (waaronder het auteursrecht) onder te brengen. Dit lost echter niet de hierboven genoemde nadelen op met betrekking tot de exploitatie en eventuele beëindiging van de samenwerking.

Verstandig?

Op basis van het voorgaande is het in beginsel niet aan te raden om auteursrechten gezamenlijk te houden. Als besloten wordt om dit toch te doen, dan dienen goede afspraken te worden gemaakt over de exploitatie van de auteursrechten en dient een goede exit-regeling worden overeengekomen.

Alternatief: licentie

Een alternatief voor het gezamenlijk houden van auteursrechten is het in licentie geven van de auteursrechten aan de B.V. Bij het in licentie geven worden niet de auteursrechten overgedragen, maar wordt alleen toestemming verleend om “het werk” op de afgesproken wijze te gebruiken. Een licentie kan zo worden opgesteld dat het krijgen van deze licentie voor de B.V. vrijwel dezelfde gevolgen heeft als het verkrijgen van de auteursrechten. Zo’n licentie wordt een onbeperkte, exclusieve licentie genoemd. Er kunnen ook minder omvangrijke licenties worden overeengekomen.

Het verlenen van zo’n licentie heeft voor de auteursrechthebbende minder verstrekkende gevolgen. Hij behoudt de mogelijkheid om los van de B.V. zijn auteursrechten te exploiteren. Ook na een eventuele beëindiging van de samenwerking.

Gerelateerde berichten