Blog

Wouter Dammers op NOS en RTLZ over linken naar illegale content

Het Hof van Justitie van de EU heeft arrest gewezen in de zaak tussen Playboy en Brit Dekker tegen Geen Stijl. De zaak geeft antwoord op de vraag of linken naar illegaal materiaal inbreuk op auteursrecht oplevert of niet.

Eerdere arresten over linken

Eerder oordeelde het Hof al dat ook het linken naar auteursrechtelijk beschermd materiaal dat met toestemming van de auteursrechthebbende op internet is gepubliceerd, geen auteursrechtinbreuk oplevert. Of dit ook voor linken naar illegale content was nog niet duidelijk. Het arrest van het Hof van Justitie van de EU maakt dit nu duidelijk.

Linken naar illegale content: wel of geen inbreuk?

De zaak tussen Playboy en Geen Stijl speelt al sinds 2012. Geen Stijl had in 2011 gelinkt naar uitgelekte naaktfoto’s van BN’er Britt Dekker. De foto’s stonden toen op een Australische fotowebsite, waar ze niet gemakkelijk beschikbaar waren voor het publiek.

De Amsterdamse rechtbank vond eerst nog dat Playboy (toen nog in eigendom van Sanoma) gelijk had, maar in hoger beroep werd geoordeeld dat doorlinken naar illegaal materiaal niet hetzelfde is als het openbaarmaken daarvan.

Daarop werd de stap naar de Hoge Raad gezet, die uitlegvragen had gesteld aan het Hof van de EU. In een eerder blogbericht besteedde ik al aandacht aan de conclusie in deze zaak.

Het Hof oordeelt nu dat GeenStijl met een winstoogmerk naar de foto’s heeft gelinkt, terwijl Playboy daarvoor geen toestemming had gegeven – laat staan voor publicatie van de foto’s op het internet. Daarbij acht het Hof het van belang dat GeenStijl wist, of in ieder geval behoorde te weten, dat de foto’s illegaal waren verspreid.

Gevolgen voor de praktijk

Het arrest van het Hof betekent in de praktijk dat commerciële organisaties moeten weten dat linken naar auteursrechtelijk beschermd materiaal niet mag. Doen ze dat toch, dan plegen ze inbreuk. Daarbij oordeelt het Hof dat hyperlinken naar auteursrechtelijk beschermd materiaal wel mag door organisaties zonder winstoogmerk – zelfs als daarvoor geen toestemming is gegeven.

Aan RTLZ deel ik mee dat het arrest in de praktijk tot veel discussie zal leiden:

Ook Wouter Dammers, advocaat bij LAWFOX, denkt dat de uitspraak voor veel discussies gaat zorgen: “Hoe weet je dat content zonder toestemming van de rechthebbende op het internet is gezet? En hoe bewijs je dat je dat niet wist?”

Volgens Dammers blijven individuele internetgebruikers buiten schot: “Zij hebben geen winstoogmerk, waardoor de rechthebbende moet aantonen dat jij zeker wist dat het illegaal verspreid materiaal is. Dat is veel lastiger.”

Bovendien zal het praktisch lastig zijn om in de gaten te blijven houden of je nog wel aan de regels voldoet. Zo kan de inhoud van de pagina veranderen na het plaatsen van een hyperlink, laat ik aan NOS weten:

“”En dan moet jij gaan bewijzen dat een website geen inbreuk maakte op het moment dat jij er naar linkte”, zegt ict-jurist Wouter Dammers.”