Blog

Procederen? Tegenaanval is (soms) de beste verdediging.

Succesvolle procedure

We hadden voor onze klant een procedure bij de rechtbank glansrijk tot een goed einde weten te brengen. Alle vorderingen van de tegenpartij (ruim EUR 100.000,-) waren door de rechter afgewezen. Een fantastisch resultaat, zeker ook omdat onze klant hoofdelijk (met privé-vermogen) aansprakelijk was gesteld.

Hoger beroep?

Als een partij het niet eens is met een uitspraak van een rechtbank, kan deze partij in hoger beroep. Het geschil wordt dan nogmaals aan een (hogere) rechtbank (het Gerechtshof) voorgelegd. Dat Gerechtshof gaat dan opnieuw naar de hele zaak kijken. Als een partij in hoger beroep wil gaan moet dat binnen 3 maanden na de uitspraak van de rechtbank.

In dit geval werd door de verliezende partij na 2 maanden en 3 weken alsnog hoger beroep ingesteld. Op het laatste moment dus. Dat deed die partij door een appèldagvaarding aan onze klant uit te laten brengen. Daar stond niet zo veel in: alleen maar dat onze klant zich op een termijn die bijna een jaar in de toekomst lag zou moeten melden bij het Gerechtshof. In de dagvaarding stonden ook niet de redenen waarom de tegenpartij meende dat de rechtbank het verkeerd zou hebben gezien. In de tussenliggende periode zou niemand (niet onze klant, niet de tegenpartij) iets aan het Gerechtshof te hoeven laten weten. Pas daarna zou er inhoudelijk een procedure plaatsvinden.

We hebben deze situatie volledig in het voordeel van onze klant weten om te draaien. Hoe? Lees verder onder de video.

Juridische tactiek

De reden voor deze actie was, zo was onze inschatting, dat de tegenpartij druk op onze klant wilde houden door alsnog de mogelijkheid van een procedure open te houden. En om de extra tijd die ze voor zichzelf hadden gecreëerd wilde gebruiken om alsnog een geldbedrag van onze klant te proberen los te peuteren.

Soms is het creëren van tijd/onderhandelingsruimte een goede tactiek: bijvoorbeeld als je meent dat de rechtbank het niet goed zou hebben gedaan. Of als er nieuwe bewijzen zouden zijn opgedoken die je positie verstevigen. Of (en dit is een minder elegante reden, maar in de praktijk wel relevant) omdat je weet dat jij de proceskosten makkelijk kunt dragen (procederen op kosten van rechtsbijstandverzekering?), maar de tegenpartij niet. Of als je weet dat de tegenpartij niet met de onrust van een procedure om kan gaan. Allemaal argumenten die er toe kunnen leiden dat de winnende partij toch maar wat water bij de wijn doet, om het risico op alsnog een negatieve uitspraak bij het Gerechtshof af te kopen. En om niet nog jarenlang te hoeven te procederen.

Inschatting: kansloze zaak, ze willen niet ècht procederen

Maar de partij die in hoger beroep gaat moet zich wèl realiseren dat het uitbrengen van een appèldagvaarding niet helemaal vrijblijvend is.

In dit geval waren we erg zeker van onze zaak. No way dat het Gerechtshof tot een ander oordeel zou komen dan de rechtbank. Procederen zou dus uiteindelijk voor de tegenpartij alleen maar kunnen resulteren in hoge kosten. Waaronder eigen advocaatkosten. Kosten aan het Gerechtshof. En compensatie van kosten van onze klant.

We wilden dit zo snel mogelijk definitief geregeld hebben voor onze klant. Het is voor niemand leuk om nog lang in onzekerheid te verkeren, zelfs niet als je weet dat je juridische positie sterk is. Je slaapt toch minder lekker als je weet dat er een kleine kans is, al is het maar door een onwaarschijnlijke gerechtelijke dwaling, opeens EUR 100.000,- uit je privévermogen af mag rekenen.

(Tegen)aanval is de beste verdediging

Daarom besloten we de regels van het spel te veranderen door de tegenaanval in te zetten. Dat deden we door een “anticipatie-exploot” uit te laten brengen. Daar stond in dat we niet eerst een jaar gingen wachten tot de procedure bij het Gerechtshof zou starten, maar dat de tegenpartij zich binnen een week zelf bij het Gerechtshof zou moeten melden om de procedure te starten. Vanaf dat moment zou de tegenpartij een flink bedrag aan het Gerechtshof verschuldigd zijn om de vordering door het Hof te laten beoordelen. Ook zou de tegenpartij dan nog maar beperkt de tijd hebben om inhoudelijk aan het Hof uit te leggen waarom men vondt dat de rechtbank het verkeerd zou hebben gezien.

Kort en goed, de tegenpartij dacht een jaar lang de tijd te krijgen om onze cliënt onder de druk van een nieuwe procedure alsnog te bewegen tot het betalen van een geldbedrag. In plaats daarvan moest zij nu ineens binnen een week beslissen of men die procedure ècht wel aandurfde en “vol aan de bak” om argumenten/bewijzen te verzamelen.

Een brug te ver

Dat bleek voor de tegenpartij een brug te ver te zijn. De tegenpartij koos, doordat zij plotseling werd gedwongen een duidelijke keuze te maken, alsnog eieren voor haar geld.

Om zeker te zijn dat de door de tegenpartij uitgebracht appèldagvaarding niet alsnog naar het Gerechtshof opgestuurd zou worden hebben we niet alleen afgesproken dat de tegenpartij dit niet zou doen. We hebben ook de originele appèldagvaarding opgevraagd en vernietigd. Die kan dus nooit meer naar het Gerechtshof worden opgestuurd – zelfs niet als de tegenpartij zich toch niet aan de afspraken zou houden. De tegenpartij heeft nu dus geen enkele mogelijkheid meer om hoger beroep in te stellen tegen het vonnis.

Moraal van het verhaal? Wie A zegt, moet ook B durven zeggen. Kondig je aan dat je maatregelen neemt als de tegenpartij niet doet wat je vordert? Dan moet je die aankondiging ook wel waarmaken. Dat geldt zeker als je aankondigt te zullen gaan procederen als men niet doet wat je vordert. Je raakt je geloofwaardigheid kwijt als je (wellicht tegen beter weten in) alleen maar met loze dreigementen komt.

 

Goede advocaat nodig? Lawfox: info@lawfox.nl ; 013-207 7 107

Gerelateerde berichten