Opschortingsrecht

Het opschortingsrecht houdt in dat een schuldenaar de nakoming van zijn verbintenis kan opschorten, totdat de schuldeiser zijn verplichting(en) nakomt.

Voorwaarden

Opschorting is mogelijk indien is voldaan aan een aantal voorwaarden. Zo moet de partij die zich op de opschorting beroept een opeisbare vordering hebben op de wederpartij. Degene die volgens de overeenkomst als eerste zou leveren, kan zich daarom in beginsel niet op opschorting beroepen. Deze partij heeft dan immers geen opeisbare vordering.
Daarnaast moet sprake zijn van samenhang (connexiteit) tussen beide verbintenissen. Dit is in ieder geval het geval wanneer de verbintenissen tegenover elkaar staan (als A betaalt, dan levert B). Indien de verbintenissen niet voldoende met elkaar samenhangen, kan niet worden opgeschort.
De opschorting dient ook redelijk en billijk te zijn.

Ten onrechte opschorten

Indien een partij zich ten onrechte beroept op een opschortingsrecht, dan kan die partij in schuldeisersverzuim geraken. Deze partij kan dan aansprakelijk worden gesteld voor de daardoor geleden schade.

Related Juridische termen